Verhalen

Op INDedemsvaart schrijven we verhalen met impact. Verhalen waar de Dedemsvaarters zich in herkennen, die inspireren, die betekenis geven en die verbinden. Verhalen, waaruit blijkt dat we omzien naar elkaar, dat we met elkaar een gezonde ambitie hebben, kansen benutten, dat er saamhorigheid en is en waaruit blijkt hoe trots we eigenlijk zijn op ons dorp en alles wat daarmee samenhangt. Waarmee we laten zien dat we als krachtige kern belangrijk zijn voor de groeigemeente Hardenberg en dat Dedemsvaart een van de uithangborden is van de meest toegankelijke gemeente van Nederland. Dat we niet alleen keihard werken om dat vast te houden, maar dat we ons juist extra willen inzetten om dat beeld te verstevigen.

Met INDedemsvaart onderstrepen we de kracht van de Dedemsvaartse samenleving. Als onderdeel van de gemeente Hardenberg en de kracht van gewoon doen en durven doen. 

Simone Hof van ChristenUnie pleit voor veiligheid N377

‘Het gaat om de betrokkenheid die je toont’

Volgens raadslid Simone Hof uit Balkbrug, nummer twee op de lijst van de ChristenUnie, lopen mensen niet warm voor mooie beloftes, maar gaat het juist om de betrokkenheid die je toont als partij. Ze vindt het niet persé nodig om geschiedenis te schrijven, maar hoopt wel een positieve invloed uit te kunnen oefenen op haar medemens. INDedemsvaart stelde haar twaalf persoonlijke vragen. En natuurlijk legden we diezelfde vragen voor aan een aantal van haar partijgenoten.

  • Naam: Simone Hof
  • Woonplaats: Balkbrug
  • Leeftijd: 54
  • Partij: ChristenUnie, 2e op de lijst

Twaalf  persoonlijke vragen van INDedemsvaart aan Simone Hof

 

  • Wat wil jij betekenen voor de gemeente Hardenberg en voor Balkbrug in het bijzonder?

Ik wil het lokale bestuur graag dichter bij inwoners brengen. Omdat we het met en voor elkaar moeten doen en daarvoor moet je goed met elkaar in verbinding staan. Ik woon in Balkbrug, dus dat is voor mij de aangewezen plek om daar mee verder te gaan. Verder wil ik – en daar is de ChristenUnie al een tijdje mee bezig – voor Balkbrug bereiken dat het op en rond de N377 veiliger wordt. We zijn op zich blij met de onderdoorgang, maar daardoor wordt er nu vaak zo hard gereden, dat maatregelen echt noodzakelijk zijn.

  • Wie of wat inspireert jou?

Het feit dat ik voor de ChristenUnie actief ben, verraadt natuurlijk dat ik onder andere geïnspireerd word door wat Christus ons in de bijbel voorleeft. Daarnaast word ik niet zozeer door mensen zelf geïnspireerd maar meer om wat ze doen. Ik zou wel een ochtendje willen praten met mevrouw Angela Merkel, de net afgetreden Duitse bondskanselier. En ik ben op dit moment wel een beetje onder de indruk van de standvastigheid van de Oekraïense president Zelensky.

  • En hoe hoop jij de kiezers te inspireren?

Ik hoop dat dat lukt door betrokkkenheid te tonen. In de jaren dat ik nu raadslid ben, heb ik gemerkt dat het mensen niet zozeer gaat om mooie woorden en beloftes, maar dat ze het erg op prijs stellen als je regelmatig met hen spreekt, naar ze luistert en serieus neemt.

  • Wat is je lievelingsboek? (film mag ook)

Ik lees ontzettend graag (en ga trouwens ook graag naar de bioscoop). Ik heb geen uitgesproken favoriet boek, maar kan “Ik ben pelgrim” van Terry Hayes van harte aanbevelen.

  • Als je zelf een boek zou mogen schrijven, waar zou dat dan over gaan?

Geen flauw idee. Al zouden er zeker sterke, gedreven vrouwen in voorkomen.

  • Welk hoofdstuk in je leven zou je nog eens over willen doen?

Geen enkel. In mijn leven is echt niet alles van een leien dakje gegaan maar ik ben blij met waar ik nu sta en hoe ik daar gekomen ben.

  • Hoe wil jij geschiedenis schrijven? Oftewel, hoe wil jij herinnerd worden?

Ik hoef niet per se geschiedenis te schrijven. Ik wil graag mijn bijdrage leveren in het hier en nu, in de hoop dat het van positieve invloed is op wat er nog komen gaat. Ik vind het belangrijk betrouwbaar te zijn en, voor zover dat in mijn macht ligt, het goede te doen. En ik hoop dat mijn dierbaren me zich herinneren als iemand die liefhad.

  • Waar mogen we jou midden in de nacht voor wakker maken?

Nergens voor. Mijn nachten zijn in de regel niet zo lang, dus wil ik daar het maximale uithalen.

  • Wat is jouw grootste ergernis?

Lawaai; we hebben bijna letterlijk 24/7 geluid om ons heen, van allerlei apparaten, verkeer, te harde muziek, schreeuwerige reclames of wat dan ook. En besluiteloosheid, soms is het beter een foute beslissing te nemen dan geen.

  • Heb je ooit een moment gehad dat je het liefst door de grond wilde zakken?

Niet echt. Iedereen maakt fouten of doet weleens iets doms. Ik probeer me daar niet teveel van aan te trekken. Wat ik wel vervelend vind is als ik mensen heb gekwetst. Dat is niet mijn bedoeling dus dat probeer ik dan zo snel mogelijk recht te zetten.

  • Waar ben je trots op?

Niet op iets in het bijzonder. Maar ik ben blij met hoe ik het tot dusver gerooid heb in het leven, mijn directe omgeving, in mijn werk en de lokale politiek.

  • Is er een plek in onze gemeente waar je het liefst naartoe gaat? En daarbuiten?

Zeker! Het Reestdal is prachtig, daar loop ik graag en vaak. En ik ben gids in de Ommerschans, een interessant stukje Balkbrug (althans, voor een klein deel). Buiten onze gemeente ga ik graag naar Vlieland, voor de relatieve rust (je auto mag niet mee het eiland op), even niks te moeten en de zee.

Ook benieuwd naar het verhaal van andere kandidaten uit Dedemsvaart en Balkbrug? Klik dan hieronder op de link. Veel leesplezier!

Twaalf persoonlijke vragen aan Wiepie van der Veen, 5e op de lijst

Twaalf persoonlijke vragen aan Luuk Visscher uit Balkbrug, 12 op de lijst

Twaalf persoonlijke vragen aan Judith Vrieling uit Balkbrug, 17e op de lijst

Twaalf persoonlijke vragen aan Ineke van de Logt, 21e op de lijst

 

Kijk voor meer verhalen op werken, wonen en doen INDedemsvaart.

 

 

Edward van Dijk opent vijf nieuwe Okay winkels

‘Op een misschien kan ik niet ondernemen’

Tegen alle verwachtingen in, heeft corona bewezen dat het grote gros van de consumenten nog steeds het liefst fysiek een winkel binnenstapt. Die conclusie durft de Dedemsvaartse retailonderemer Edward van Dijk na twee lockdowns wel te trekken. Sterker nog, het was voor hem reden om nog vijf extra Okay-winkels te openen in kleine en middelgrote plaatsen.

‘Achteraf gezien zijn we er aardig goed doorheen gerold’, vertelt hij. ‘Nadat alles weer open mocht, hebben de meeste middenstanders toch wel een inhaalslag kunnen maken, verwacht ik. Wij hebben de omzet vrij vlot zien herstellen. Na de versoepelingen was het drukker dan ooit in veel van onze winkels. Voornamelijk door uitgestelde aankopen. Veel klanten hebben dus toch gewacht totdat we weer open mochten. Uit loyaliteit, maar zeker ook vanuit veiligheidsoverwegingen. In de stad was het gewoon veel te druk.’

‘Vergeet niet, dat de brandstof ook steeds duurder wordt. Nu er oorlog is in Oekraïne helemaal. Ook dat houdt mensen in het dorp. En zeg nou zelf, je hoeft Dedemsvaart niet uit. De kledingwinkels in ons dorp vullen elkaar perfect aan.’

‘Fysiek winkelen heeft grote voordelen’

De internetaankopen mogen dan in de tijd van lockdown een vlucht hebben genomen, inmiddels neemt dat weer normale proporties aan. Edward kijkt daar niet van op. ‘Fysiek winkelen heeft grote voordelen. Sociaal gezien is het veel leuker. Het onderlinge contact is belangrijk. Bovendien weet je wat je koopt, omdat je het even hebt kunnen passen.  Dertig tot veertig procent van de internetaankopen gaat retour. Niet een keer, maar soms wel drie keer. Mensen zijn daar snel zat van.’

Geen webshop

Vijf jaar geleden besloot hij zelf, bij wijze van proef, een webshop te onderhouden, maar stapte daar snel weer van af. ‘Ik heb meer verstand van fysieke winkels’, lacht hij. Toen zijn winkels op slot moesten, liet hij zich dan ook niet verleiden. ‘Onderaan de streep kost het alleen maar geld. We hadden wel net als veel andere winkels click & collect. In al onze winkels zijn ze er razend druk mee geweest, maar de omzet is nagenoeg nihil. We hebben dat puur gedaan voor het klantencontact.’

‘De huren zijn scherp geprijsd’

Ook dat bleek een goede zet, want de consument bleef trouw aan de Okay-winkels. Met als resultaat dat Edward nu nog extra winkels kan openen in Enschede-Zuid, Zwolle-Zuid, Oldenzaal, Coevorden en Goor. ‘Niemand durft in deze tijd een winkelpand aan te kopen en om leegstand te voorkomen, zijn de huren scherp geprijsd. In de plaatsen waar we ons gaan vestigen was ons kledingaanbod niet goed vertegenwoordigd. Daar ben ik op ingesprongen.’

‘Het voelde heel oneerlijk’

Gedurende de eerste lockdown liet hij zich behoorlijk kritisch uit over het coronabeleid van de overheid en kreeg gaandeweg flink bijval. De onduidelijke en vooral tegenstrijdige maatregelen gingen hem aan het hart. ‘Niet zozeer voor mezelf. Na 25 jaar ondernemerschap heb ik wel wat vet op de botten, waardoor ik de tegenslagen gemakkelijker kan opvangen. Maar voor veel andere ondernemers en starters is dat natuurlijk een heel ander verhaal. Voor hen wilde ik me hard maken. Het doet een ondernemer zeer als je ziet dat jouw winkel dicht moet en dat het bij de collega’s een drukte van belang is. Het voelde heel oneerlijk en het had naar mijn mening ook totaal geen nut.’

‘De meesten zitten thuis met enkel een snotneus’

Dat nu van zijn 400 werkneemsters een flink aantal zit thuis vanwege coronabesmetting, voelt hij opnieuw in de portemonnee. ‘De meesten hebben enkel een snotneus, maar moeten wel thuisblijven. Een hoog ziekteverzuim en een krappe bezetting. Ja, dat hakt er opnieuw in. Maar ik ben vooral blij dat iedereen weer gewoon z’n ding kan doen. Ik hoop alleen wel dat de overheid coulant is ten opzichte van ondernemers die coronasteun moeten terugbetalen of een belastingschuld hebben. Dat is toch wel het minste wat ze kunnen doen.’

Op de vraag of hij, met inmiddels 75 winkels onder zijn hoede, maatregelen heeft genomen voor een eventuele nieuwe corona-uitbraak, schudt Edward van Dijk heel beslist zijn hoofd. ‘Nee hoor. Op een misschien kan ik niet ondernemen. Ik zou niet weten hoe. Een jaar van tevoren koop ik alle kleding in  in en ik kan met zoveel fysieke winkels niet opeens de helft minder inkopen. Ik vertrouw erop dat het goedkomt.’

Meer weten over Okay? Bezoek dan de website

Of volg Okay Dedemsvaart op Facebook en Instagram.

Kijk voor meer verhalen op werken, wonen en doen INDedemsvaart.

Bezorgservice gouden greep voor eetcafé De Bolle

‘Ik ben er best trots op dat we het  zelfstandig hebben gered’

Aan de stamtafel van eetcafé De Bolle drinkt eigenaar Christiaan Post een welverdiende kop koffie als er plotsklaps een gast de deur binnenstormt met rode wangen van de koude wind en van inspanning. ‘Ik ben hiernaast bezig, maar kan ik hier straks even een hapje komen eten?’, vraagt hij gehaast. ‘Entrecootje ofzo?’ Christaan lacht. ‘De entrecote staat op onze nieuwe kaart, maar voor nu heb ik wel een lekkere schnitzel of spareribs.’ De man knikt blij. ‘Lekker! Ik maak even mijn werk af en dan kom ik eraan.’

Het lijkt een doodgewone doordeweekse dag. Maar sinds we leven met een pandemie is eigenlijk geen enkele dag meer doorsnee. Zeker niet voor de horeca. Gelukkig gloort er hoop aan de horizon, nu het kabinet heeft aangekondigd de meeste coronaregels overboord te willen gooien. Sindsdien is Christiaan in een juichstemming. ‘Ondanks dat corona ons geen windeieren heeft gelegd hoor’, benadrukt hij. ‘Maar we kunnen niet wachten totdat we het café weer vol hebben. We hebben van alles in petto’, zegt hij handenwrijvend.

‘Ik zal die dag echt nooit meer vergeten.’

In december 2019 opende hij vol goede moed het eetcafé aan de Julianastraat. Drie maanden later, om precies te zijn op 15 maart 2020, droeg de regering de horeca op de deuren te sluiten. ‘We kregen een half uur de tijd om de gasten naar huis te sturen. Ik zal die dag echt nooit meer vergeten. Verschrikkelijk. Alsof we het galgenmaal serveerden.’

Een onzekere periode brak aan en Christiaan besloot zich voor honderd procent te storten op de bezorgservice. Hoewel dit sterk leek op een vooruitziende blik, stond hij zelf versteld van het succes. ‘We hadden al voor de lockdown de folders verspreid en opeens bleek het een gouden greep. Alles kwam opeens in een stroomversnelling. We hebben het zowel de eerste als de tweede lockdown hartstikke druk gehad. En ja, ik ben er best een beetje trots op dat we het zelfstandig hebben gered. Zonder steun van de overheid.’

‘Elke avond aan een lege bar zitten, breekt je op’

Desondanks drukte de laatste lockdown zwaar op de caféhouder. ‘We misten natuurlijk de Kerst en januari en februari zijn sowieso altijd al magere maanden. Maar ook de leegte ontmoedigt. Elke avond aan een lege bar zitten, dat breekt je op. Het doet echt pijn. We zetten dan zelf de muziek maar wat harder en schonken een biertje voor het personeel. Zo leek het nog ergens op. Maar leuk is anders.’

Zijn medewerkers gaan hem aan het hart. ‘Afgelopen zomer hebben we extra mensen aangenomen en hen wilde ik er absoluut bij houden. Niet alleen omdat horecapersoneel moeilijk is te krijgen, maar vooral omdat ik enorm veel bewondering en waardering heb.  Voor allemaal. Ze hebben het geweldig gedaan en bijzonder veel veerkracht getoond. Ook ben ik heel blij met de vele klanten en stamgasten die ons tot het laatst toe er doorheen hebben getrokken.’

‘Ik zit nooit stil’

De horeca zit Christiaan in het bloed. ‘Op bruiloften haalde ik al glazen op toen ik nog maar 15 was’, lacht hij. ‘Sindsdien loopt de horeca als een rode draad door mijn leven.’ Met eetcafé De Bolle treedt hij in de voetsporen van wijlen zijn vader Arie. Arie Post runde het voormalig zalencentrum De Berken in Kerkenveld. Boven de bar hangt zijn portret. ‘Hij was mijn beste vriend en mijn voorbeeld’, vertelt Christiaan openhartig, terwijl hij zijn blik even laat rusten op de tekening. ‘Het altijd alles willen aanpakken, dat heb ik van hem. Ik zit nooit stil. Ik zit vol ideeën die ik allemaal nog in de praktijk wil brengen. Levenslustig, positief en creatief. Net als mijn vader. Toen hij overleed, wist ik niet waar ik het zoeken moest. Dat ik nu zijn werk kan voortzetten, voelt goed. Heel goed.’

‘Open staan voor nieuwe dingen en creatief bezig zijn’

Creativiteit en doorzettingsvermogen heeft Christiaan in coronatijd door een lastige tijd gesluisd. Door bijvoorbeeld een online muziekbingo te houden. De animo was onverwachts groot. ‘Nooit gedacht dat ik nog eens zoiets zou doen’, lacht de Dedemsvaarter. ‘Ook dat hoort bij het ondernemerschap. Open staan voor nieuwe dingen en creatief bezig zijn. In die zin sta ik altijd aan. Ergens had het ook wel wat, die innovatie. We waren in elk geval weer met mensen bezig. Interactie! Gaaf!’

Voor de komende tijd barst de caféhouder van de ideeën. ‘We krijgen een nieuwe bezorgkaart en een nieuwe menukaart in het café. We hebben de uitstraling van een eetcafé en de kwaliteit van een restaurant en dat gaan onze gasten de komende tijd extra ervaren. Ook willen we naar een totaalbeleving. Dat betekent dat als je hier een drankje komt drinken, de hapjes van het huis zijn.’ Gemoedelijkheid. Dat is een groot goed in eetcafé De Bolle en daar staat het ook om bekend. Het huiskamergevoel. Een huiskamer waar iedereen welkom is. Met elke maand livemuziek op het programma, de darttoernooien, kampioenschap piemel pimpen en de muziekbingo’s wordt dat gevoel nog eens versterkt.

‘Met z’n allen de draad oppakken. Maar nu samen’

Samen met de andere horecaondernemers zet Christiaan Post de schouders eronder. ‘Willen we Dedemsvaart extra op de kaart zetten, dan moeten we samenwerken. Lief en leed delen. Met z’n allen de draad weer oppakken. Maar nu samen. Voor het grotere belang.  We gaan mooie dingen doen de komende tijd. Voorlopig ben ik nog lang niet klaar. Ik heb er zin in.’

Meer weten over eetcafé De Bolle? Bezoek dan de website. Daar vind je ook de link naar de Facebookpagina en Instagram.

Kijk voor meer verhalen op werken, wonen en doen INDedemsvaart.

Gepensioneerde huisarts Huibertien Oosterlee blikt terug

‘Helemaal immuun voor al het leed word je nooit’

Twee jaar geleden besloot ze samen met haar man op het achterland te gaan wonen. In Junne. En daar heeft ze nog geen seconde spijt van gehad. In de boerenkeuken van haar boerderij zit de bijna 64-jarige Huibertien Oosterlee. Sinds kort gepensioneerd huisarts. Standplaats Dedemsvaart. Ze straalt en wijst naar buiten. ‘Het is hier zo heerlijk stil. Soms zie ik reeën in de tuin. Echt fijn’, verzucht ze.

25 jaar heeft ze erop zitten als huisarts in Dedemsvaart. Ze vierde haar jubileum en afscheid ineen. Haar collega’s spaarden kosten nog moeite om haar nog een laatste keer flink in het zonnetje te zetten. Als dank. Voor wat ze voor de Dedemsvaartse gemeenschap heeft betekend. ‘Het was prachtig’, vertelt Huibertien. ‘Ik werd opgehaald met de huifkar. Ik kreeg een mand met lekkers mee en collega’s wisselden elkaar af, zodat ik toch nog iedereen even kon spreken. Er zat een kacheltje in, dus het was heel behaaglijk. Zo maakten we samen een tocht door het dorp. Ontzettend leuk! ’s Middags kwamen ook Evert Jan en de kinderen en eenmaal thuis kregen we eten bezorgd van De Zon. Heel bijzonder allemaal en een prachtig alternatief. In de laatste weken kreeg ik  lieve kaartjes, bloemen en kadootjes  van patiënten. Zo lief en ook heel erg goed voor mijn ego’, lacht ze. ‘

‘Natuurlijk komt dat allemaal best goed’

Op de vraag of haar patiënten het er moeilijk mee hadden dat ze afscheid nam, knikt ze. ‘Natuurlijk is dat voor veel patiënten wel even een dingetje. Maar ik ben daar ook heel nuchter in. Want natuurlijk komt dat allemaal best goed. Leuke jonge deskundige dokters hebben mijn taak overgenomen. En dan is het op een gegeven moment ook gewoon uit het oog, uit het hart.’

Desondanks realiseert ze zich dat ze iets achterlaat. ‘Veel mensen kende ik toch echt al 25 jaar. Hele gezinnen waarvan ik ook de kinderen weer in de praktijk kreeg en zag opgroeien. Dat schept een band. Zeker als er heftige gebeurtenissen waren. Dat lees ik ook terug in de kaartjes die ik heb ontvangen. Ontroerend.’

‘Helemaal immuun word je nooit’

Aan die keerzijde van het huisartsenberoep heeft ze nooit helemaal kunnen wennen . ‘De ontreddering en de ontwrichting als iemand uit het leven wordt gerukt, dat heb ik altijd moeilijk gevonden. De dood van een kind grijpt me nog steeds het meeste aan. Ik heb daar echt wel mee moeten leren omgaan. Leren loslaten. In het begin nam ik alles mee naar huis. Ook als ik iets niet goed had gedaan. Maar na verloop van tijd leer je daar wat meer afstand van te nemen. Helemaal immuun voor al het leed word je nooit.’

‘Twee keer kwam er een patiënt aan de deur’

Tot twee jaar geleden woonde ze in een van de mooie herenhuizen aan de Moerheimstraat. ‘Een prachtplek. Toen ik hier 25 jaar geleden kwam als waarnemend arts, belde de toenmalige huisarts Harm Knol dat er een huis te koop kwam. We hoefden er niet lang over na te denken. Dicht bij het dorp en bij het werk. Een luxe, alhoewel het dan wel lastiger is om werk en privé gescheiden te houden. Je gaat veel sneller nog even kijken hoe het met iemand gaat. Wat natuurlijk ook erg op prijs werd gesteld. Patiënten lieten mij over het algemeen gewoon met rust. Ik heb in al die jaren maar een keer of vier meegemaakt dat mensen mij in de supermarkt aanhielden en begonnen over hun klachten. Ik heb ze toen netjes doorverwezen naar het spreekuur. Twee keer kwam er een patiënt aan de deur. Die heeft mijn man te woord gestaan.’

‘Het leed dat je daar ziet, verandert je’

Voordat ze in Dedemsvaart als huisarts aan de slag ging, was ze een aantal jaren tropenarts in Zimbabwe. ‘Niet te vergelijken’, zegt ze. ‘Het was in de tijd dat de aidsepidemie in opkomst was. Dan maak je hele schrijnende situaties mee. Het leed dat je daar ziet, draag je voor altijd met je mee. Het verandert je. Maar je gaat het ook idealiseren. Achteraf. We hebben er namelijk ook hele mooie tijden gehad en vriendschappen gesloten voor het leven. Elke vier jaar gaan we terug. De laatste keer is nu zes jaar geleden, als gevolg van corona.   Ik vraag me soms wel eens af wat we er eigenlijk te zoeken hebben, maar het blijft toch een beetje ons tweede thuis.’

‘Toen ik eenmaal huisarts was in de Latyruspraktijk in Dedemsvaart, heb ik door alles wat ik daar heb gezien en meegemaakt wel eens gedacht: ‘waar lopen mensen toch over te zeuren’. Maar die knop heb ik snel omgezet. Ieder ervaart zijn eigen pijn en zijn eigen leed. En dan valt het in deze omgeving nog mee hoor. Want Dedemsvaart heeft echt geen moeilijke populatie. Integendeel!’

‘Wij zien de hele mens’

Hoewel er in de loop der jaren veel veranderde in de huisartsenpraktijk, is Huibertien er trots op hoe alles altijd goed georganiseerd is in de HAGRO.  ‘Dat was al zo toen ik kwam en dat is nog zo. In coronatijd hebben we ook alles zonder al te veel gedoe kunnen organiseren. Heel waardevol. We hebben veel expertise in huis, juist dankzij die onderlinge samenwerking. Dat is een groot goed. Doordat er nu vakkennis is op veel verschillende deelgebieden, en de zorg veel complexer is geworden, weet je als dokter lang niet overal meer alles van. Bovendien komen patiënten steeds vaker met psychosociale problemen. Gelukkig is er meer personeel gekomen dat zorg levert op specifieke gebieden. Een aantal huisartsen heeft zich ook op een deelgebied gespecialiseerd, ik op dat van Uro-gynaecologie. Maar de kracht van een huisarts is en blijft dat je generalist bent. Wij zien de hele mens.’

‘Een luisterend oor is vaak al genoeg’

Het is volgens Huibertien meteen dat wat het vak zo bijzonder maakt. ‘Je komt heel dichtbij wat mensen raakt. Mensen nemen je in vertrouwen, komen voor geruststelling. En dan is een luisterend oor vaak al genoeg. Een gesprek is namelijk minstens zo belangrijk. Soms reageer ik gewoon vanuit mijn boerenverstand. Als mensen mij dan toch bedanken voor het fijne gesprek, dan heb ik toch iets kunnen betekenen.’

‘Ik wil meer tijd met mijn familie doorbrengen’

Hoewel ze ervoor open staat om bij tijd en wijle te blijven waarnemen, heeft ze op  daar op dit moment nog niet veel behoefte aan. ‘Mede doordat ik ziek ben geweest heb ik nu echt nog wel een paar maanden nodig om tot mezelf te komen. Even alles laten bezinken. Daarna zie ik wel verder. Op een boerderij is altijd wat te doen en ik ben graag buiten. Ik ga me richten op mijn moestuin en mijn bloementuin, heerlijk! En ik wil meer tijd met mijn familie doorbrengen. Met mijn vader van 94, maar ook met de kinderen en ons kleinkind. De tweede is op komst, dus daar kijken we enorm naar uit.’

Kijk voor meer verhalen op werken, wonen en doen INDedemsvaart.

 

 

 

 

 

Eddy Wagenvoord opent derde danscafé Molly’s

‘Het is tijd voor wat leven in de brouwerij’

Dedemsvaart is vanaf april weer een horecagelegenheid rijker. In het voormalige Enjoy komt danscafé Molly’s, van niemand minder dan Eddy Wagenvoord. Terug van weggeweest. In de wijde regio alom bekend en een horecaman pur sang. Al meer dan veertig jaar. Bekend van Takens, Vagant, Paddy’s in Balkbrug en het Cubaanse danscafé Habana in Dedemsvaart. En dan nu van Molly’s. De derde op rij. Zoals Eddy zelf omschrijft: ‘Een café waar je toevallig ook lekker kunt dansen’.  

Inmiddels is Molly’s een begrip in Hoogeveen en Zwolle en hopelijk na dit voorjaar ook in Dedemsvaart. Eddy heeft er alle vertrouwen in dat zijn concept ook hier kans van slagen heeft.

Met Molly’s voorziet Wagenvoord in behoefte

Volgens de Balkbrugse uitbater wordt het hoog tijd dat er weer meer reuring komt in Dedemsvaart. ‘Er gebeurt hier veel te weinig en steeds minder’, vindt hij. ‘In elk geval in het uitgaansleven. De activiteiten in de natte horeca laten echt te wensen over.’ Eddy denkt met Molly’s dan ook absoluut te voorzien in een behoefte.

De verbouwing is op dit moment in volle gang. ‘Het wordt geen grootscheeps project hoor’, tempert hij de verwachtingen. ‘Eerst maar eens kijken hoe het loopt. Wat ik verbouw, wordt vaak wel mooi’, beaamt hij, niet in het minst bescheiden. ‘Ook hier maken we weer wat moois van. De authentieke stijl van Habana komt een beetje terug, het danspodium wordt wat groter en de bar iets kleiner. Lekker speels, met een poolbiljart, dartbanen en een boksbal.’

‘We weten niet wat ons nog te wachten staat’

Op de vraag of het niet heel erg gewaagd is om juist in deze pandemie een nieuw danscafé te openen, schudt Eddy zijn hoofd. ‘Nee, dat valt reuze mee. Het is juist een goede tijd om in te stappen. Als gevolg van de huidige onzekere tijd is er veel te huur, waardoor de huurcontracten een stuk aantrekkelijker zijn geworden. Nu een pand kopen zou niet slim zijn, dan is het wel een te groot risico. We weten natuurlijk niet wat ons nog te wachten staat en ik weet ook niet zeker of er wel voldoende animo voor is, dus in die zin blijft de investering altijd een gok. Maar dat hoort nu eenmaal bij het ondernemerschap.’

‘Een kwestie van opnieuw opvoeden’

Dat in het leven niets zeker is, realiseerde Eddy zich eens te meer gedurende de twee lockdowns. ‘Maar’, zegt hij, ‘corona heeft ook een keerzijde. ‘Door alle beperkingen zijn we gaan beseffen dat andere openingstijden ons veel voordelen opleveren. De meeste mensen zijn al lang blij dat ze er weer op uit mogen. En dan maakt het dus niet uit of je eerder opengaat en eerder sluit. Het levert voordelen op voor onze personeelsbezetting. En horecapersoneel is nu eenmaal moeilijk te krijgen. Iedereen, ook de gasten, hebben op deze manier meer aan de zondag’, lacht Eddy. ‘Door al om 9.00 uur open te gaan, wordt ook het indrinken thuis minder aantrekkelijk. Eigenlijk is het een kwestie van opnieuw opvoeden. Onze optredens plannen we ook bewust vroeger op de avond. Dat wil het uitgaanspubliek niet missen en dus komen ze eerder. Ik hoop heel erg dat deze trend doorzet. 03.00 uur alles dicht. Ik ben voor en ik ga het ook doen ook’, zegt hij stellig.

‘Voorkomen dat het doodbloedt’

Hij heeft er een goed gevoel over dat Molly’s in Dedemsvaart gaat aanslaan. ‘Het is tijd voor wat leven in de brouwerij. We moeten voorkomen dat het doodbloedt. Kijk om je heen in de omliggende dorpen. Er is nagenoeg niets meer. Uitgezonderd een handjevol stamcafés. Het hele nachtleven gaat zo naar de mallemoer. Dat wil ik proberen te voorkomen. Ook al kan ik dat niet in mijn eentje. Ik hoop dat mijn initiatief aanstekelijk werkt.’

‘Die leuke jaren gun ik de jongeren van nu ook’

Eddy mikt in eerste instantie op de zaterdag met liveoptredens en dj’s. Dave Roelvink staat al geboekt en ook staat er een Q-music foute party op het programma. ‘Ja, ik denk echt dat dit concept potentie heeft hier. Dat had Habana destijds ook. En laten we eerlijk zijn, de jeugd verdient het gewoon. Zeker na alle beperkingen. Als ik kijk naar mijn eigen jeugd, waren dat de leukste jaren. Die leuke jaren gun ik de jongeren van nu ook.’

Try-out met Avereester Kroegentocht

Na twee jaar leegstand heropent Eddy Wagenvoord op 2 april de deuren van het enige danscafé dat Dedemsvaart ooit rijk was. Nu onder de naam Molly’s. Met een nieuw sausje en andere openingstijden. 2 april. Voor veel jongeren zonder twijfel een heugelijke dag. Voor wie niet kan wachten is er een week eerder een try-out. Dan treedt tijdens de Avereester Kroegentocht de top 40 band Balance op.

Wil je alvast een beetje sfeer proeven bij de andere twee Molly’s?

Kijk dan op Facebook voor Molly’s Zwolle en Molly’s Hoogeveen of volg op Instagram het danscafé in Zwolle of Hoogeveen.

Kijk voor meer verhalen op werken, wonen en doen INDedemsvaart.

Blijdschap overheerst bij René Kleine nu Kalkwieke weer open mag

‘Ik heb geleerd om het zuiniger aan te doen’

René Kleine van eetcafé De Kalkwieke is blij. Niet dolgelukkig, maar wel gewoon heel erg blij. Sinds woensdag staan bij hem, net als bij alle andere horecaondernemers in Nederland de deuren weer wagenwijd open. Hoewel hij niet echt bang is geweest om op de fles te gaan, haalt hij nu toch opgelucht adem.

‘Natuurlijk hadden we liever gehad dat alle beperkingen overboord waren gegooid. Eerlijk gezegd denk ik ook dat het prima had gekund. Gewoon de normale sluitingstijd en de anderhalve meter over boord. Die maatregel is gewoon niet handig in een café. Maar ik ben al lang blij dat we überhaupt weer open mogen’, zegt de uitbater van het Dedemsvaartse café. ‘Alles beter dan op slot of open tot vijf uur. Want ook dat was drama.’

Verwarmd winterterras

Hij hoopt dat zijn klanten dan nu echt gebruik kunnen gaan maken van de mooie nieuwe pui aan de voorkant. ‘In oktober hebben we dat gerealiseerd met het oog op de winter. Een verwarmd winterterras, heel behaaglijk en toch buiten. Fijn ook voor de rokers. Maar toen ging het land weer op slot en hebben we er maar heel kort van kunnen genieten. Ik hoop echt dat nieuwe maatregelen ons vanaf nu bespaard blijven.’

Sinds zes jaar runt René, afkomstig uit Drogteropslagen, met veel plezier De Kalkwieke. Hij is een horecaman in hart en nieren. ‘Toen ik zes was haalde ik al de glazen op bij een studentenvereniging in Deventer’, lacht hij. Later leerde hij de fijne kneepjes van het vak in de horeca op Mallorca, bij Paddy’s in Balkbrug en Rembrandt in Coevorden. Zijn langste tijd sleet hij bij De Kalkwieke. Totdat hij de kans kreeg om de zaak over te nemen van de familie Brand. Die pakte hij met beide handen. ‘Dat er nog eens een pandemie met een lockdown op mijn pad zou komen, had ik natuurlijk niet verwacht. Maar ja, wie wel.’

‘Ik kon niet wennen aan het vroege opstaan’

Om rond te kunnen komen, besloot hij in de eerste lockdown in de bouw aan de slag te gaan. Zijn personeel werd doorbetaald, maar zelf moest hij zijn eigen brood op de plank verdienen. ‘Ik heb in die tijd echt wel overwogen om de boel te verkopen. Heel even maar hoor. En ja, het is waar, de bouw biedt in tijden van corona meer zekerheid. Maar ik kon echt niet wennen aan het vroege opstaan. Soms vier uur, half vijf. Dat is geen doen voor een horecaman die normaal gesproken rond dat tijdstip zijn bed in rolt’, grinnikt René.

‘Weer een nieuwe buffer opbouwen’

Echt gewanhoopt heeft hij nooit, ‘maar’, zegt hij, ‘ik heb me echt wel eens afgevraagd hoe ik alles moest gaan rondbreien. Ik heb geleerd om het zuiniger aan te doen. Vroeger haalde ik meteen iets nieuws als er wat kapot ging. Nu kijk ik eerst of het nog te repareren valt. Als de bodem van de buffer die je hebt opgebouwd in zicht is, dan leer je dat vanzelf. We hebben een goede zomer gedraaid, maar ook nu is de rek er weer zo goed als uit. En dat betekent dat we weer een nieuwe buffer moeten gaan opbouwen. Dat kan alleen door hard te werken en zuinig aan te doen.’

De Dedemsvaartse uitbater merkt dat de klanten hem goed gezind zijn. ‘Die zaterdag dat we uit protest opengingen hadden we allemaal 35 euro fooi. Dat zegt genoeg. En dat doet ons heel erg goed.’

De bar is open!

‘Natuurlijk hadden we erop gerekend dat we samen met de middenstand weer open mochten. Toen bleek dat dit niet het geval was, voelde ik me neergeslagen.’ Maar ondanks het gevoel van onrecht, overheerste een week later de blijdschap. ‘We kunnen niet wachten om er weer flink tegenaan te gaan. We zijn alweer bezig met de organisatie van de Avereester Kroegentocht in maart’, laat René enthousiast weten, terwijl hij een biertje tapt. De bar is open!

 

Wil je op de hoogte blijven van het reilen en zeilen bij eetcafé De Kalkwieke? Dat kan via Facebook en Instagram.

Kijk voor meer verhalen op werken, wonen en doen INDedemsvaart.

Wilco Nuvelstijn gooide het roer rigoureus om in coronatijd

‘We hebben belangrijke lessen geleerd’

Hoewel hij het niet meer dan normaal vindt dat zijn winkel weer open is, is hij onwijs blij dat het weer kan en mag. Wilco Nuvelstijn van Nuvelstijn Mode in Dedemsvaart kijkt net als ieder ander terug op een lastige periode, maar ook op een mooie tijd, waaruit hij nuttige lessen heeft getrokken.

Ondanks zijn blijdschap gaat zijn hart uit naar de horeca en de cultuursector. ‘Ik snap dat er gedurende de pandemie regels zijn waaraan we ons moeten houden, maar ik denk niet dat wij hier persé de bron van besmetting zijn. Drukke steden misschien, maar een dorp als Dedemsvaart? Nee, dat denk ik niet.’

Blijven denken in kansen en mogelijkheden

Maar, net als vele anderen, kon ook Nuvelstijn Mode de afgelopen tijd niet veel anders dan zich bij de situatie neerleggen. Dat de Dedemsvaarters massaal bij de supermarkt aan de overkant naar binnen gingen, voelde soms wel wrang. Wilco stond alleen niet toe dat di t gevoel de overhand zou krijgen. En dus koos hij er heel resoluut voor om over zijn wrevel heen te stappen en te blijven denken in kansen en mogelijkheden. Zoals hij het altijd heeft gedaan en wat hem uiteindelijk tot een succesvol ondernemer heeft gemaakt.

Persoonlijk contact

De Dedemsvaartse ondernemer bleek gedurende de pandemie zijn tijd ver vooruit te zijn. Daar waar veel andere middenstanders in den lande hun les trokken uit de eerste lockdown en een webshop inrichtten, had Nuvelstijn Mode dat allemaal op orde. Al sinds 2012. Online bestellen of kleding reserveren in de winkel, het kon allemaal. Wilco bracht met dit systeem het percentage retourzendingen tot een acceptabel niveau en stimuleerde tegelijkertijd het persoonlijk contact. Dit dankzij de optie ‘reservering in de winkel’. Een win-win situatie dus.

We moesten opeens op een hele andere manier gaan ondernemen’

‘Dat is wel ons grote voordeel geweest’, beaamt Wilco. ‘Zeker in de tweede lockdown konden we op die manier toch nog wat klantencontacten onderhouden en mede daardoor bij de deur nog iets anders uit de collectie laten zien. Toch moesten ook wij opeens op een hele andere manier gaan ondernemen. Zeker in de eerste lockdown was het enorm schakelen. We zijn ons nog veel meer gaan richten op social media, hadden de hele dag telefonisch contact of stuurden berichten via Facebook of Instagram. Met het team maakten foto’s van alle kleding, richtten we ‘op-zicht-boxen’ in en in mijn auto maakte ik rekken, zodat ik met zoveel mogelijk voorraad op pad kon. In het begin reed ik af en aan, op de bonnefooi. Totdat we ook daarvoor een planning maakten om efficiënter aan huis te kunnen bezorgen.’

‘Gemakkelijker op onverwachte situaties inspelen’

Arbeidsintensief. Dat wel. Volgens Wilco is het allemaal de moeite waard geweest. ‘Het water heeft ons nooit aan de lippen gestaan en bovendien hebben we belangrijke lessen geleerd.’ Wilco doelt op een rigoureuze beslissing, die hij nam in de tijd van de lockdown. Op tv zag hij hoe voor miljarden aan kleding in de woestijn werd gedumpt. Dat zette hem aan het denken. Het heeft Wilco doen besluiten het roer om te gooien. ‘Vroeger hingen bij ons de rekken vol en hadden we ook nog volop voorraad. Daar zijn we vanaf gestapt. Ik koop kleding korter van tevoren in. Ook richt ik me minder op China en vaker op de markt in Europa. Daar geldt een productietijd van acht weken en dankzij die kortere levertijd kan ik veel specifieker kleding inkopen. Daardoor kan ik ook gemakkelijker op nieuwe trends en onverwachte situaties inspelen.’

‘Pure nostalgie’

‘Ik moet eerlijk bekennen dat ik nooit had verwacht dat ons dit nog eens zou overkomen. Je wordt toch echt wel even flink met de neus op de feiten gedrukt. Niets is vanzelfsprekend, dat blijkt maar weer’, verzucht de Dedemsvaartse ondernemer. Wilco ziet desondanks ook positieve kanten. ‘Vorig jaar Kerst was een hele mooie tijd. Ik stond bij klanten midden in de woonkamer, terwijl zij kleding aan het passen waren. Een beetje zoals mijn opa vroeger langs de boeren ging en de producten aan huis bracht. Bizar eigenlijk, maar wel pure nostalgie. De onzekerheid en uitzichtloosheid maakte het lastig, maar het was tegelijkertijd een tijd van ontdekken, creativiteit en freewheelen en ja, daar heb ik wel van genoten’, lacht hij.

‘Het gemoedelijke van het dorp’

Wilco is ervan overtuigd dat het lokaal kopen weer een extra dimensie heeft gekregen. ‘We hebben de afgelopen tijd aangetoond wat de kracht is van lokaal kopen. Die onderlinge verbinding, het gemoedelijke van het dorp, ja, dat is wel waar ik me in coronatijd heel erg bewust van ben geworden en extra ben gaan waarderen.’

Nieuwsgierig naar de mogelijkheden die Nuvelstijn Mode online biedt? Kijk dan even op de website.

Kijk voor meer verhalen op werken, wonen en doen INDedemsvaart.

Hema Dedemsvaart werkt ondanks lockdown op volle kracht

Rita Goeman put kracht uit warm contact met klanten

Geen enkele lockdown krijgt haar eronder. Rita Dijsselhof-Goeman, het gezicht van Hema Dedemsvaart heeft samen met haar man Eric en het hele Hema-team vanaf dag één de schouders eronder gezet. ‘Natuurlijk gaat het ons ook niet in de koude kleren zitten, maar we hebben eigenlijk geen moment bij de pakken neergezeten’, vertelt ze tussen de bedrijven door.

Ook nu in de tweede lockdown zijn de medewerkers op volle kracht aan het werk om zoveel mogelijk mensen te kunnen bedienen via het lokale click & collectsysteem. ‘Via Whatsapp’, licht Rita toe. ‘Click & collect is landelijk, maar meteen al tijdens de vorige lockdown hebben we ons mobiele nummer onder de aandacht gebracht, zodat klanten ons kunnen appen.’

‘We konden nu sneller de draad weer oppakken’

‘Vorig jaar bruisten we van de ideeën. We wilden onder geen beding het hoofd laten hangen. We hadden toen natuurlijk niet verwacht dat de lockdown tot maart zou duren. Ik hoop ook echt dat z’n lange periode ons dit keer bespaard blijft’, verzucht de Dedemsvaartse onderneemster. ‘Hoewel de tweede lockdown ons min of meer overviel, konden we nu wel sneller de draad weer oppakken. We hebben meteen ons Whatsapp-systeem in ere hersteld. Dat werkte de eerste keer prima. Via de website kan ook gebak besteld worden. Dat kan nu gelukkig wel weer.’

‘We merken dat de klanten ons goed gezind zijn’

Het systeem van de Hema is eenvoudig. Klanten plaatsen een bestelling via de app, sturen een screenshot van een product, de Hema-medewerkers verzamelen de spullen of doen met behulp van foto’s een suggestie voor een alternatief als iets niet voorradig is. ‘We merken dat de klanten ons goed gezind zijn en openstaan voor onze oplossingen. Dat is fijn, want wij streven naar blije klanten. Dat maakt ons ook blij’, lacht Rita. Het warme klantencontact is volgens haar zonder twijfel de kracht van lokaal kopen. ‘We hopen op deze manier onze klanten vast te houden en nog eens extra de meerwaarde van lokaal kopen aan te tonen.’

‘We zijn nu veel meer bezig met randzaken’

Hoewel de verkoop in de lockdown een pittige opdracht is, is ze al lang blij dat klanten nu gewoon hun producten aan de deur mogen komen afhalen. ‘Dat scheelt behoorlijk. Vorig jaar bezorgden we alles. Dat doen we nu alleen als iemand niet in staat is om naar de winkel te komen. Desondanks zijn we er de hele dag druk mee. De routine ontbreekt. We zijn nu veel meer bezig met randzaken.’

‘Mensen zijn blij met een vertrouwd gezicht’

Het contact via de app en aan de deur verloopt gemoedelijk. ‘Mensen zijn blij zijn met een vertrouwd gezicht. Via de app gooien we er af en toe een bericht van onszelf tussendoor met hier en daar wat humor. Zo houden we het, ondanks deze lastige tijd, luchtig. Voor onze klant, maar ook voor onszelf. Veel klanten steken ons een hart onder de riem. Dat doet ons goed. Klanten gunnen het ons echt. En ja, daar doe je toch voor!’

Kijk voor meer verhalen op werken, wonen en doen INDedemsvaart.

Dagbesteding en beleving hand in hand bij Dina’s Plus

‘We zorgen dat onze medewerkers zich nodig voelen’

Dina’s Plus. Een streekwinkel en een belevingswinkel. Eerlijk en puur. In coronatijd gevestigd aan de Julianastraat, in het voormalige pand van Oosterom Mode. Verrassend en verfrissend, met hart voor mens en hart voor de streek. Een verlengstuk van Dina’s Fellow aan de Moerheimstraat en opnieuw een knap staaltje werk van de familie Bults, bekend van The Fellowship of Acoustics. Talent tot bloei laten komen, dat is wat de familie het liefste doet. Zeker als het gaat om mensen die net dat extra steuntje in de rug kunnen gebruiken.

In crisistijd een nieuwe winkel starten. Gedurfd en gewaagd. En toch waren het diezelfde coronaregels die de doorslag gaven voor moeder en dochter Ali en Floor Bults. ‘Het werd te druk in de keuken bij Dina’s Fellow aan de Moerheimstraat. Iedereen liep elkaar in de weg. Afstand houden was nauwelijks mogelijk en overprikkeling was aan de orde van de dag. Niet echt een werkbare situatie. Hier hebben we een grote keuken en voldoende ruimte om ook andere activiteiten te ontplooien. Achter de schermen wordt hard gewerkt aan nog veel meer mooie plannen’, vertelt Ali enthousiast.

‘Kijken wat een kind nodig heeft’

Zorgen zit haar in het bloed. Ruim 35 jaar geleden verhuisde ze samen met haar man vanuit Nijverdal naar Bergentheim om haar eigen gezinshuis voor kinderen en jongeren met een lichte verstandelijke beperking of ad(h)d te starten. Ali zegde in die tijd haar baan als zorgmanager voorgoed op. ‘Ik knapte af op de papieren tijgers. Het ging ten koste van onze cliënten. Ik wilde op de werkvloer aan de slag blijven. Kijken wat een kind nodig heeft, dat ‘niet past in het systeem’, in plaats van ellenlange dossiers aanleggen. Kinderen functioneren pas goed als je er tijd en energie in stopt, liefde en aandacht. Maar ook als je ze de ruimte geeft. In de reguliere zorg was dat nauwelijks mogelijk als gevolg van de bureaucratie. Ik vond dat heel lastig. Zorg is wat mij betreft niet aantrekkelijk als je je hart er niet in kunt leggen. Het systeem is verheven boven de mens. Zo hoort het niet te zijn. En dus koos ik mijn eigen pad.’

‘We pakken nu meer de rol van opa en oma’

Inmiddels heeft ze het gezinshuis overgedragen aan haar dochter Floor. Ze fungeert nu als vliegende keep tussen Dina’s Plus, Dina’s Fellow aan de Moerheimstraat, het trainingshuis in Bergentheim voor jongeren, precies daar waar vroeger het gezinshuis was gevestigd en haar eigen huis en huidige gezinshuis in Balkbrug, waar ze regelmatig op haar kleinkinderen past. ‘Ik heb vanaf mijn 18e gewerkt, ik ben nu 61. We hebben altijd kinderen in huis gehad, zeven dagen per week. Jarenlang stond ik elke week bij zwemles. De hoogste tijd om mijn rol als pleegmoeder langzaamaan af te bouwen. We worden te oud, we gaan niet meer mee naar allerlei pretparken’, lacht ze. ‘We pakken nu meer de rol van opa en oma. Gezellig samen De Verraders kijken.’

Zorg naar een hoger niveau

Samen met haar dochter heeft ze heel duidelijk een missie. De zorg naar een hoger niveau tillen. ‘We doen het eigenlijk onbewust. Voor ons is het de normaalste zaak om goede zorg te leveren’, zegt Ali zonder omhaal. ‘Of je nu gitaren verkoopt of zorg levert, het gaat erom of je de kwaliteit kunt waarborgen, om de betrokkenheid die je toont en je enthousiasme. Of je hart hebt voor je mensen.’

‘Samen ontdekken hoe we talent tot ontwikkeling kunnen laten komen’

Bij Dina’s Plus wordt het volgens haar steeds leuker. Mede dankzij de creativiteit van de medewerkers. ‘Neem nou een van onze stagiaires. Ze doet praktijkonderwijs. Ze bleek heel nieuwsgierig naar een boek van Van Gogh dat hier op een standaard staat. Blijkt dat ze ontzettend creatief is en prachtig kan schilderen. Nu maakt ze zelf kaartjes’, wijst Ali trots naar een rek met ansichten. ‘Die komen binnenkort in de winkel. Samen ontdekken we hoe we haar talent tot ontwikkeling kunnen laten komen. Ik word daar heel gelukkig van. We zorgen niet alleen dat onze mensen bezig zijn, maar ook dat ze zich nodig voelen.  En dat ze kunnen kiezen hoe ze hun geld kunnen verdienen. Als dat besef er eenmaal is, hoeven wij nog maar amper te ondersteunen.’

‘Het is een geweldig pand’

Ali ziet volop mogelijkheden in de winkel. ‘Het is een geweldig pand, we kunnen hier veel ideeën in kwijt en ook onze diensten uitbreiden. Een wasserette, een technische werkplaats, de thuisbasis voor tuinklussen, het kan hier allemaal. De winkel is een echte belevingswinkel met eigengebakken lekkernijen, streekproducten, unieke zelfgemaakte cadeautjes en een leuke koffiehoek. De rest is volop in ontwikkeling. We hebben alles op alles gezet om op 1 december de winkeldeuren te kunnen openen voor het publiek en om de keuken operationeel te maken. We zijn nu achter de schermen druk met alle andere projecten. Als alles klaar is, hebben we ruimte voor veertig medewerkers.’

‘We hoeven er alleen maar een boterham mee te verdienen’

De laatste lockdown gooide in eerste instantie flink roet in het eten in de plannen van de familie Bults. Per 1 januari was er dubbel personeel aangetrokken en een extra kok in verband met de opening van Dina’s Plus. ‘We hebben besloten ons niet te laten nekken door corona. We realiseerden ons dat we er alleen maar een boterham mee hoefden te verdienen. Al onze winsten gingen toch al terug in het bedrijf. Een crisistijd noopt je om andere oplossingen te vinden. Dat is goed gelukt. Vanaf nu gaan we aan de slag om onszelf steeds beter op de kaart te zetten. We luisteren daarbij goed naar de behoefte van onze klanten.’

Wil je op de hoogte blijven van het aanbod van Dina’s Plus, volg de belevingswinkel en alle ontwikkelingen op het gebied van de dagbesteding dan via de socials.

Kijk voor meer verhalen op werken, wonen en doen INDedemsvaart.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

The Training Club helpt mensen een betere versie van zichzelf te worden

Roy van Zijl: ‘Corona hielp mij mijn mindset te veranderen’

Als je doet wat je altijd deed, dan krijg je wat je altijd kreeg. Het is ons reptielenbrein, dat alles graag bij het oude wil houden en ervoor zorgt dat we in oude patronen vervallen. Roy van Zijl van The Training Club wist voor zichzelf dat patroon te doorbreken, evenals voor zijn onderneming. In coronatijd gooide hij het roer rigoureus om. Niet omdat The Training Club op omvallen stond, integendeel. Maar juist omdat Roy zijn blik vooruit wilde richten en wilde doen waar hij het allerbeste in is: mensen helpen het beste uit zichzelf te halen.

In de eerste lockdown deed hij nog vooral wat nodig was. Gelukkig bleven de meeste leden trouw, snapten in welke moeilijke positie hun sportschool zat en bleven de contributie betalen, hopend op betere tijden. Roy compenseerde dit zoveel mogelijk met tegoedbonnen en hij hield het hoofd boven water, bood online trainingen aan en startte, zodra het kon, in de buitenlucht weer groepssessies op.

Toen er ook een tweede lockdown kwam, nam Roy een belangrijk besluit. Hij zou het over een andere boeg  gooien. De grote ‘omturning’, zoals hij het zelf noemt, was begonnen.

‘We belden onze leden met de vraag hoe we konden helpen.’

Dat omslagpunt had alles te maken met het veranderen van zijn eigen mindset en die van zijn sportende leden. ‘Want’, zo schetst hij, ‘mensen zijn zich er vaak niet van bewust dat sporten en bewegen alleen maar een tool is om iets anders te bereiken. En dus belde ik samen met mijn collega’s leden op met de vraag hoe we konden helpen. Welk doel ze wilden bereiken. Wat er verandert als ze sterker zijn, slanker of beter in hun vel zitten. We vroegen aan onze klanten welke mogelijkheden ze thuis hadden en hoe we hen konden helpen met behulp van coaching.’

‘Ik realiseerde me namelijk dat ik niet alleen veel faciliteiten in The Training Club te bieden heb, maar dat ik ook heel veel kennis en expertise in huis heb. En dat het heel erg zonde zou zijn als ik daarvan geen gebruik zou maken. Sindsdien coachen we in The Training Club veel van onze cliënten. Samen kijken waar het werkelijke probleem zit, welk doel de cliënt wil bereiken en waar de blindspots zitten, die hem of haar belemmeren te groeien. Die blinde vlekken heeft elk mens, we zijn ons er alleen vaak niet van bewust.’

‘Wat wil je bereiken en wat heb je daarvoor nodig’

Wie sport bij The Training Club stippelt zijn eigen pad uit. ‘Wat onze coaches doen is spiegelen, onze cliënten helpen anders te kijken naar het probleem. Op die manier helpen ze hen om resultaten te boeken. En juist door die mindset te veranderen, leert iemand ook op andere vlakken te excelleren. Ondernemers, zoals ikzelf, lukt het op die manier om weer vooruit te kijken. Niet door in zak en as te gaan zitten, maar juist door te kijken welke middelen je wel hebt en wat je wél kunt creëren. Kijk naar de lange termijn. Wat wil je bereiken en wat heb je daarvoor nodig. Onze manier van coaching helpt daarbij. Het helpt je in de spiegel te kijken, de pijnpunten te ontdekken en te bedenken welke acties er nodig zijn om je doel te bereiken.’

Het helemaal anders gaan doen

Die benadering hielp Roy zelf ook om het anders te gaan doen. ‘Ook al had ik in feite niets te klagen. Ik beschik over een prachtige sportschool met goede faciliteiten. Maar ik realiseerde me ook, dat als continu het gevaar dreigt dat je de tent moet sluiten, je twee dingen kunt doen. Je laten leiden door angst en er steeds geld achteraan blijven gooien, zonder te groeien óf het helemaal anders gaan doen. Ik koos voor het laatste. Corona hielp mij mijn mindset te veranderen.’

‘Ik wilde een rolmodel zijn, was altijd op zoek naar meer.’

Dat ging niet zonder slag of stoot. Roy ging allereerst zelf in de leer, werkte aan zijn eigen persoonlijk ontwikkeling. ‘Ik was gewend om de lat heel hoog te leggen, ben een perfectionist pur sang’, vertelt hij openhartig. Zijn carrière begon hij als sportinstructeur bij defensie en later studeerde hij af als gymdocent. De uren die hij als docent tot zijn beschikking kreeg, brachten hem niet de voldoening waarnaar hij op zoek was. Totdat hij besloot de voormalige sportschool aan de Langewijk in Dedemsvaart nieuw leven in te blazen met een vernieuwend en verfrissend concept. Hij maakte een vliegende start en het ging hem absoluut voor de wind.

‘Desondanks wilde ik het altijd beter doen, wilde een rolmodel zijn, kunnen zeggen: ‘Kijk mij eens.’ Ik was altijd op zoek naar meer. Meer kennis en meer ervaring. Inmiddels weet ik dat ik vooral op zoek was naar bevestiging. Van de ander, maar eigenlijk die van mezelf. Ik heb geleerd om los te laten, te verwachten dat een ander het precies zo doet als ik. Ook heb ik geleerd beter te communiceren. Terug te vragen of een ander weet wat ik bedoel, zodat de verwachtingen naar elkaar toe stroken. Samen creëren en resultaten boeken, dat is waarom het draait. Daarvoor moest ik eerst zelf mijn manier van denken veranderen.’

Een betere versie van jezelf worden

Met die positieve mindset paste hij zijn opgedane kennis en ervaring toe in zijn eigen sportschool en rolde het uit richting personeel, cliënten en ook richting bedrijven. ‘Ik ben me er terdege van bewust dat coaching heel trending is. Zelf stond ik er, perfectionistisch als ik ben, altijd heel sceptisch tegenover. Dacht in elk geval te weten dat ik geen coach nodig had. Inmiddels weet ik dat een goede coach je helpt nog sterker te worden en meer te excelleren op een manier die bij je past. Een goede coach zorgt ervoor dat je blijvende resultaten boekt. Helpt je een betere versie van jezelf te worden. Precies dat is wat The Training Club biedt.’

Een bedrijf met meer potentie

‘Dankzij corona ben ik veel meer gaan ondernemen, werk ik zelf aan het bedrijf in plaats van in het bedrijf, coach ik mijn personeel, zodat zij werken vanuit hun kracht. Samen laten we The Training Club groeien. Ik heb het missende puzzelstukje gevonden waarnaar ik lange tijd op zoek was, ik onderzoek mogelijkheden en benut kansen. Als ik alles bij het oude had gelaten was ik niet failliet gegaan, maar was het wel een standaard sportschool geworden. Het is me gelukt om met minder mensen meer te bereiken. In The Training Club bieden we hulp op maat en geven we de aandacht aan onze cliënten die ze nodig hebben. Mijn bedrijf heeft nu veel meer potentie en dat maakt het ondernemen stukken leuker.’

Wil je weten wat The Training Club voor jou kan betekenen? Breng dan eens een bezoekje aan de website.

Kijk voor meer verhalen op werken, wonen en doen INDedemsvaart.

Vinita organiseert lichtjesloop als eerbetoon aan zoontje Nio

‘Erkenning voor het verdriet dat er mag zijn’

De wereld een beetje lichter maken voor ouders die een kind moeten missen. Dat is het doel van Wereldlichtjesdag. Dit jaar op zondag 12 december. Vinita Juurlink-Jurriëns uit Dedemsvaart greep deze herdenkingsdag aan om haar eigen plan te maken. Een lichtjesloop voor Dedemsvaart. In april van dit jaar verloor ze zelf haar kindje. Een zoontje genaamd Nio Yestin.

Nio kwam op 18 april in de 23e week van haar zwangerschap ter wereld en overleed een uur later in haar armen. Het verdriet van haar en haar partner Ronald was immens. Op een dag, terwijl ze een van haar lange wandelingen maakte, besloot ze zelf een herdenking te organiseren. In de buitenlucht. Voor alle mensen in Dedemsvaart en omgeving die een dierbare hebben verloren en de behoefte hebben om daar in gezamenlijkheid bij stil te staan. Als erkenning voor het verdriet en het gemis dat er mag zijn.’

‘Hoe het is om een dierbare te verliezen’

Toen Vinita haar plan bij de gemeente en Promotiestichting Dedemsvaart voorlegde, kreeg ze alle medewerking. Vanaf dat moment ging ze los. Ze diende haar plan in, schreef basisscholen aan met het verzoek geschilderde of versierde glazen potjes te verzamelen, zocht sponsoren, die in de vorm van materiaal of een dienst iets wilden betekenen en deed een beroep op vrijwilligers.

Wat Vinita niet had verwacht, dat er zoveel mensen waren die een steentje wilden bijdragen. ‘Ondanks dat de meesten niet eens mijn persoonlijke verhaal kennen, juicht iedereen mijn initiatief van harte toe en krijg ik uit alle hoeken hulp’, zegt ze, nog steeds verwonderd over zoveel hulp. ‘Hoe dat kan? Ik vermoed omdat nagenoeg iedereen weet hoe het is om een dierbare te verliezen. En vanuit die gedachte graag de helpende hand toereikt.’

De vreugde was van korte duur

Vinita’s eigen verlies staat in haar geheugen gegrift. Ze praat er veel over. Het helpt haar haar verdriet een plek te geven. Bij de 20 weken echo bleek dat er aanleiding was tot nader onderzoek. Er werden zogeheten ‘softmarkers’ gesignaleerd, tekenen dat er mogelijk iets met de baby aan de hand zou kunnen zijn. Een genetisch onderzoek volgde en uiteindelijk wees een vruchtwaterpunctie uit dat alles goed was. De afwijkingen die werden gevonden bij Nio waren volgens de artsen minimaal en relatief gemakkelijk te verhelpen. Het gevaar leek vanaf dat moment te zijn geweken en Vinita en Ronald haalden opgelucht adem. Voor even waren alle zorgen verdwenen. Maar die vreugde bleek van korte duur. Ruim anderhalve week later stond Vinita ’s ochtends op met buikpijn, pijn die naarmate de dag vorderde steeds meer begon te lijken op weeën. De verloskundige stuurde haar door naar het ziekenhuis en daar bleek dat haar bevalling was begonnen.

‘Ik kon de bevalling niet meer tegenhouden’

Er heerste totale verslagenheid, weet ze nog. Desillusie. ‘En toch wilde ik er nog steeds voor gaan. Wilde het uit alle macht rekken tot de vrijdag erop, want dan hadden we de 24 weken gehaald en konden de artsen nog iets voor ons doen. Helaas mocht dat niet zo zijn. Toen het vruchtwater brak, wist ik dat ik de bevalling niet meer kon tegenhouden.’ Vinita’s woordenstroom stopt heel even. Ze kijkt stil voor zich uit. Een snik ontglipt en een traan glijdt over haar wang. ‘Ik voelde me heel leeg, maar was bovenal ook heel trots op Nio. Hij woog 700 gram en heeft nog een uur geleefd. Ik heb hem al die tijd bij me gehouden. Er waren op dat moment zoveel emoties tegelijk en sommige dingen gingen volledig langs me heen. In het ziekenhuis zijn er vlak na zijn geboorte inkt- en gipsafdrukken gemaakt van zijn voetjes en zijn handjes, ter nagedachtenis aan hem. Het is het enige tastbare dat we nu nog hebben, samen met de foto’s. We zijn daar zo ontzettend blij mee.’

‘We hebben op een mooie manier afscheid kunnen nemen’

Aanvankelijk wilde Vinita niet naar huis. ‘Ik wilde niet terug naar het gewone leven. In het ziekenhuis leek alles zo vertrouwd en veilig.’ Toch keerde ze diezelfde avond laat nog samen met Ronald en Nio huiswaarts. ‘Eigenlijk wist ik helemaal niet of ik er verstandig aan deed, om Nio mee te nemen, maar ik ben achteraf zo blij dat we dat hebben gedaan! Thuis hebben we op een mooie manier afscheid van hem kunnen nemen. Een kennis van mijn vader is uitvaartbegeleidster en zij heeft ons geholpen er een hele gedenkwaardige tijd van te maken. We hebben prachtige foto’s en nog zoveel mogelijk herinneringen gemaakt. Bij zijn afscheid hebben we ballonnen opgelaten bij de Oldemeijer. Hij is gecremeerd op de Larikshof. ‘ Ze wijst naar de muur, waar mooie foto’s hangen en prachtige creaties ter nagedachtenis aan haar zoon.

Vol verwachting van hoe het had kunnen zijn

‘Daarna brak een moeilijke tijd aan voor het gezin. Zoontje Xeff, die toen nog maar een jaar was, zorgde voor de nodige afleiding, en Vinita leerde dat in verdriet geen gradaties zitten.. Dat iedereen het op zijn of haar eigen manier verwerkt. Vooral het besef dat ze Nio niet zal zien opgroeien en er geen nieuwe herinneringen bij komen, doet elke dag opnieuw pijn. ‘Dat geldt denk ik voor ieder ander die een kind moet missen, of een ouder, broer, zus of goede vriend. Allemaal vol verwachting van hoe het had kunnen zijn’, mijmert ze hardop.

Dat verdriet mag er zijn, weet ze nu. Ze weet ook dat, ondanks dat het leven gewoon doorgaat, ze het het immense verdriet niet alleen op haar schouders hoeft te dragen. ‘Met elkaar en voor elkaar’ is dan ook niet voor niets het thema van de lichtjesloop die ze organiseert. Om ook anderen het gevoel te geven van samenzijn, in de wetenschap dat ze er, net als Vinita, niet alleen voor staan.

Dromenvangerbrug als symbool voor hoop 

De lichtjesloop wordt een grootse happening. Vinita spaart kosten noch moeite om van 12 december een gedenkwaardige dag te maken voor Dedemsvaart en omgeving. Ze heeft een route van 3 kilometer rondom de Kotermeerstal uitgestippeld die ook begaanbaar is voor rolstoelen. Als symbool voor het koesteren van hoop en dromen die uitkomen, wordt een van de bruggen voorzien van bogen, waaraan dromenvangers in de vorm van vlinders en hartjes komen te hangen. Het zijn Houvast Bouw en Henny Kwant die dit mogelijk maken. Leerlingen van de Design Line van het Zeven Linden College pimpen een houten schutting tot een wand, waarop bezoekers de naam van hun dierbare kunnen schrijven.

Van en voor kinderen

Als het allemaal door mag gaan, wordt de lichtjesloop opgeluisterd door een aantal muzikale optredens, verzorgt Movation een dansoptreden en zijn gaandeweg de route de magische klanken van Rianne Hakkers’ klankschaal te horen. Onder het mom van ‘van kinderen voor kinderen’ helpen de scholen De Ark en de Groen mee glazen potjes te verzamelen voor de waxinelichtjes en nemen Dikkertje Dap en de BSO een deel van het schilderwerk voor hun rekening. De waxinelichtjes worden  gesponsord door de Hema en ook de Verloskundige Praktijk De Nieuwe Vaart doet een bijdrage. Albert Heijn zorgt onderweg voor een warme drank en de Baalderborg Groep houdt voor de gelegenheid een marathon knieperties bakken. Tuhenteverhuur verzorgt behalve de toiletvoorziening onderdak voor alle entertainment. Om 19.00 is er een minuut stilte om alle ‘sterretjes en sterren’ te gedenken.

‘Dit geeft me zo ontzettend veel energie’

Om juist op die 12e december het gevoel te hebben compleet te zijn, benoemt Vinita in het bijzonder ook het initiatief van fotografe Chantal Misker. Zij fotografeert stellen of gezinnen en laat voor wie dat wil een ballon op de foto symbool staan voor het gemis.

De Dedemsvaartse kan nauwelijks wachten totdat het 12 december is. ‘Het geeft me zo ontzettend veel energie om dit te organiseren en te ervaren hoeveel mensen mij willen helpen, dit tot een succes te maken. Ik hoop dat er , met inachtneming van de anderhalve meter, heel veel mensen op de been zijn die avond.  Om samen het magische en betoverende gevoel van zoveel lichtjes bij elkaar te beleven.’

Wil je meer weten? Kijk dan op de Facebookpagina van Lichtjesloop Dedemsvaart.

Kijk voor meer verhalen op werken, wonen en doen INDedemsvaart.

 

 

 

 

 

 

 

 

Nostalgie viert hoogtij op Streekmarkt de Reest

Dedemsvaartse ‘regeltantes’ flink op stoom

Streekmarkten worden steeds populairder. Lokale en ambachtelijke producten van eigen grond en uit eigen omgeving.  Spullen uit grootmoederstijd. Nostalgie. Heerlijk. Natuurlijk mag zo’n markt in Dedemsvaart niet ontbreken. Dat moet ook de organisatie hebben gedacht. En dus staken, op initiatief van de Promotiestichting Dedemsvaart, Natalie Hulleman en Jacqueline Hulleman de koppen bij elkaar. Inmiddels zijn ze er elke week minimaal een halve dag zoet mee en zijn ze officieel omgedoopt als ‘regeltantes’. Hun tomeloze inzet belooft veel goeds.

Na drie succesvolle markten van Dedemsvaart Events op het kalkoventerrein, is het nu de beurt aan de Promotiestichting. Met als doel Dedemsvaart nog eens extra op de kaart zetten. Laten zien wat onze streek allemaal in huis heeft. En dat is nog aardig wat, ontdekten de dames Hulleman.

‘Hoe meer we ermee bezig zijn, hoe meer het gaat leven.’

Hoewel hun achternamen anders doen vermoeden, kenden de Dedemsvaartse vrouwen elkaar niet. Ze werden afzonderlijk van elkaar benaderd om de organisatieklus te klaren. Jacqueline vanwege haar ervaring met de zeer succesvolle Brocante & Vintage Fair in Lutten, maar zeker ook omdat ze een kenner is. Oog heeft voor nostalgie. Ze runt de curiosawinkel aan de Van Haeringestraat. Brocante en vintage zijn echt haar ding.

Natalie is sinds een half jaar vrijwilligster bij de PSD. Ze wil graag wat voor het dorp betekenen. Die kans krijgt ze nu volop en dat geeft een hoop voldoening. De dames blijken een gouden duo en zijn al helemaal op elkaar ingespeeld. ‘Hoe meer we ermee bezig zijn, hoe meer het gaat leven. We zijn allebei geboren en getogen Dedemsvaarters. Dat helpt wel met het aanboren van contacten. Ik vind het heel gaaf om te doen’, zegt Natalie stralend. ‘Tijdrovend, dat wel. Er gaan heel wat uurtjes in zitten, met name in de avond. Maar dat is niet erg. Ik leer veel nieuwe mensen kennen, alleen dat is al heel leuk! En als het resultaat er straks ook naar is, dan is het allemaal de moeite waard geweest’, lacht ze.

‘Iedereen is zo blij dat het weer kan’

Beide dames zijn vanaf de zomervakantie flink op stoom. Nu het evenement zo dichtbij komt, beginnen ze de druk te voelen. Er is tot de 23e nog volop werk aan de winkel, maar gelukkig zijn ze vol goede moed. ‘Wat ik vooral heel leuk vind, is dat iedereen zo enthousiast is’, vertelt Jacqueline. ‘Iedereen is blij dat het weer kan, na zoveel afgeblazen evenementen als gevolg van corona.’ De animo van standhouders is dan ook best groot. ‘Als het niet is voor de streekmarkt in oktober, dan wel voor de voorjaarseditie. Veelal zit het vast op de beschikbaarheid van vrijwilligers, waardoor sommigen noodgedwongen verstek moeten laten gaan. Of zoals de wijnboeren, die er vanwege de oogsttijd nu geen tijd voor hebben. In het voorjaar zijn ze wel van de partij.’

Diversiteit, authenticiteit en nostalgie

Op de streekmarkt, die heel toepasselijk de naam ‘De Reest’ heeft gekregen, is over twee weken een keur aan unieke producten te vinden. Standhouders komen uit Dedemsvaart, Balkbrug en Lutten en met hun aanbod zijn ze uniek in hun soort. Diversiteit, authenticiteit en nostalgie kenmerken de allereerste editie van de Dedemsvaartse markt.

Brouwerij Avereest aan de Langewijk werd uitverkoren als dé locatie. ‘We zijn op de fiets gestapt op zoek naar een geschikte plek, weet Natalie nog.  ‘De brouwerij is ideaal, vanwege de historische ambiance, maar zeker ook omdat we de streekmarkt nu ook deels binnen kunnen houden en in het geval van slecht weer onderdak hebben.’

Heerlijk uit de streek

De markt wordt in klassieke stijl en sfeervol ingericht met, hoe kan het ook anders, veel jute en stro, pompoenen, rieten manden, picknicktafels. Het assortiment is uitgebreid. Biologische producten van molen De Star, eigengemaakte jam, broodplankjes van De Makelij, boerderijvlees, creatieve workshops voor jong en oud met Freubeltante, meelproducten van molen de Windlust uit Radewijk, soep van Dineke Kooijmans, Karins kruiden, producten uit de Tuinen van Mien Ruys en natuurlijk brocante, curiosa en vintage van Curiosa de Vlinder, op zaterdag 23 oktober is het terrein aan de Langewijk een toonbeeld van nostalgie.

Wie een bezoekje wil brengen aan Streekmarkt de Reest betaalt een entreeprijs van € 2,50, nadat de QR code is gescand.  De entreeprijs is inclusief een kopje koffie of  thee, kinderen tot 12 jaar zijn gratis. Het landbouwmuseum  is ook te bezoeken. Hiervoor geldt een aparte entree prijs tegen een gereduceerd tarief voor alle extra personen die meegaan. Ben je nieuwsgierig geworden? Aarzel dan niet en kom gewoon gezellig naar Streekmarkt De Reest op 23 oktober, van 10.00 tot 16.00 uur.

Wil je het evenement op de voet volgen? Kijk dan op de Facebookpagina van Streekmarkt de Reest.

Kijk voor meer verhalen op werken, wonen en doen INDedemsvaart.